Resultatenmonitor

Gastcolumn

Gastcolumn David
David van der Kaaij (31 jaar) woont in Nijkerk en werkt op de School op de Berg in Amersfoort. Hij werkt vier dagen in groep 6 en daarnaast ook een dag in de plusklas.

‘Wat doet jouw hoofd op Riannes laptopscherm?' vraag ik aan Fleur.

Achter mijn bureau staar ik naar een scherm met groene, oranje en hopelijk geen rode vierkantjes. Mijn klas, groep 6, rekent namelijk op minilaptopjes en daarvoor is een digitale rekenmethode aangeschaft. Een kind dat het goede antwoord invult hoort ‘Goed zo’ uit de koptelefoon klinken, een fout levert een ‘Jammer’ op. Zodra een kind een aantal opdrachten maakt, zie ik het resultaat op mijn scherm verschijnen, de zogenaamde resultatenmonitor.

De resultatenmonitor toont een lijst met de kinderen in mijn klas. Ieder kind heeft een gekleurd vakje met het percentage goedgegeven antwoorden achter zijn of haar naam. In het gunstigste geval is een vakje groen, het gaat goed. Als het percentage goede antwoorden onder de 80% komt, kleurt het vakje oranje en het wordt rood als het resultaat onder de 60% zakt. Zo kun je perfect in de gaten houden wat de kinderen doen en hoe goed ze de lesstof begrepen hebben.

Als Rianne (geen Chinees) al een tijdje rond de 50% bungelt, besluit ik in te grijpen en een onderzoek in te stellen naar de tegenvallende tussenresultaten. Zo moeilijk zijn die breuken toch niet? Rianne zit achter in de klas en glimlacht naar haar schermpje. Ik baan mij een weg door het oerwoud van tafeltjes en stoelen en raak bijna verstrikt in de kluwen van een koptelefoon. Als ik uiteindelijk haar tafeltje bereik, schrikt ze.
Als ik mijn riedeltje over ‘fouten maken is niet erg’ wil opdreunen, zie ik tot mijn grote verbazing nog twee schuldige ogen in mijn richting staren en wel op het laptopscherm van Rianne. Verbijsterd zie ik dat Fleurs digitale hoofd een derde van de pixels van Riannes scherm vult. Direct kijk ik naar rechts waar de echte Fleur net zo kijkt als op het scherm daarnet. Ook de twee meiden kijken elkaar nu in levenden lijve aan.

‘Wat doet jouw hoofd op Riannes laptopscherm?’ vraag ik aan Fleur en laat een professionele stilte vallen waarbij ik probeer boos te kijken. Snel wordt op het kruisje rechtsboven geklikt om FaceTime af te sluiten en met een rood hoofd buigen de twee zich weer over hun rekensommen. Stiekem vind ik het wel inventief gevonden, maar ik vrees een kat-en-muisspelletje als dit ontdekt wordt door veel meer kinderen. En terwijl ik terug naar mijn controlekamer loop, besluit ik de komende tijd toch maar weer eens wat vaker door de klas te sluipen om te zien wat de kinderen echt aan het doen zijn.

DELEN